Winter 1961. Net begonnen. Ik was toen 11 jaar. Oktoberkindje, dus gewoon, zoals het toen nog ging, leerling in de vijfde klas bij meester Zandbergen. Geweldige vent: verteller. Maar dus ook kerstmis 1961.

“Het was kerstochtend 1961
Ik weet het nog zo goed
Mijn konijnenhok was leeg
En moeder zei dat ik niet in de schuur mocht komen
En als ik lief ging spelen dat ik dan wat lekkers kreeg”, enz.

We kennen ze allemaal, in ieder geval de beginregels, van het beroemde Flappie van Youp. Inmiddels is er ook een Fleppie, een letterlijke vertaling van Youps epos in het Engels en op de plaat gezet door Todd Rundgren. En jullie snappen het al: zelf vind ik dit natuurlijk een geweldig lied, gezien de ongelijke strijd die ik met het mormel voer de laatste jaren. Eind november heb ik (wederom) mijn frustraties in een verhaaltje vervat in deze nieuwsbrief. Mijn laatste regels waren toen:” Maar konijnen vliegen niet, zullen jullie denken. Kan zijn. Ik ga me er niet in verdiepen… Weg is weg!!!” Dus eigenlijk zou ik nu niet meer verder moeten gaan met dit verhaal. Maar ik kan het niet laten…
Overigens in diezelfde periode waren wij, een aantal uitverkoren kinderen van de St. Jozefschool in Waddinxveen, druk in de weer om de nachtmis van Bach onder de knie te krijgen. En deze in kerstavond om 24.00 uur ten gehore te brengen. Niks nie Flappie dus. Maar het grote werk. Was ik dan zo’n goede zanger. Heeft de directie van de Wiener Sängerknaben zitten slapen. Waren hun scouts nog niet doorgedrongen tot in de diepe krochten aan de Noordzee? Is er daardoor een bijzonder talent teloor gegaan? Nee hoor, ik kan jullie geruststellen: ik zat alleen maar in dat koor omdat ik het lievelingetje was van meester Boer uit de vierde. De goede man gaf zangles en bijles Frans. En dat laatste ging mij goed af en dus vond de meester dat ik ook goed kon zingen. Zodoende! Overigens is het wat mijn kennis en kunde wat Frans betreft ongeveer daar ook blijven steken: vier jaar MULO en twee jaar kweekschool hebben daar later geen verandering meer in gebracht… Maar goed Flappie dus. Ik heb al een aantal malen in mijn artikeltjes proberen te achterhalen waarom het konijn mij zo negatief tegemoet treedt. Ik ben daar niet achter kunnen komen. Wel vermoedens natuurlijk, maar geen harde wetenschappelijke aanwijzingen. Maar toen ik dus dezer dagen Flappie meermaals hoorde langskomen, muzikaal natuurlijk, want ik heb mijn deurbel extra hoog hangen, dacht ik ook terug aan mijn jeugd. Zo rond of nog zelfs vóór 1961. Wij hadden ook een schuurtje en buitentoilet, maar dat laatste terzijde en volkomen irrelevant voor dit verhaal. En in dat schuurtje, jullie raden het al, hadden wij konijnen. Niet altijd in gelijke aantallen. Zo rond kerst werd het aantal pluizenbolletjes gedecimeerd. En ik vond toen en nu nog steeds een heerlijk konijnenboutje niet te versmaden. Zou daar dus de oorsprong liggen???

Ik wens een ieder fijne feestdagen. Een goed kerstmaal en een fijne en rustige jaarwisseling. Ik hoop een ieder gezond, ingeënt en wel weer terug te zien in, hopelijk een beter, 2021!!!

Gert Tiele

2 reacties op “……”

Reacties zijn uitgeschakeld.

Scroll naar top